Spreeuwen in de Pijp

 

Naast de bekende groep overnachtende spreeuwen in het Spaarndammerplantsoen, kwam afgelopen week ook een groep overlast gevende spreeuwen in de Pijp in het nieuws. Toevallig was ik 2 weken geleden met mijn neef Peer deze zelfde spreeuwen filmen, onder het mom van een filmcursus. Het dak van het lokale dranklokaaltje werd de set van een wederom prachtig schouwspel die ik op een meer kunstzinnige manier moest gaan vastleggen dan de bibbershots in de Spaarndammerbuurt. En zo geschiedde, zoals te zien is in het filmpje is het een flinke groep. Hoewel mijn collega Gert de Jong zegt dat de groep voorheen groter was, neemt dit niet weg dat de groep nog steeds op een fascinerende manier boven de bebouwing zwenkt en uiteindelijk met een flink kabaal neerstrijkt in de bomen in de binnenplaats.

Door de groepen spreeuwen in het Spaarndammerplantsoen en in de Pijp ben ik wat meer in de spreeuwen-problematiek gedoken. Er zijn een paar mooie papers over te vinden. Deze papers zijn gestaafd op het prangende feit dat in Nederland de broedpopulatie is gehalveerd in de laatste 3 à 4 decennia. Deze neerwaartse trend is geen uitzondering in Europa, echter bestaan er binnen Europa grote verschillen in de aantalsontwikkelingen; een sterke afname in West-Europa, minder sterke afname in Noord-Europa en een toename in Oost-Europa. Interessant is dat waar de afnames worden waargenomen, deze allemaal rond dezelfde periode starten: ± de jaren ’80. De problematiek rond deze aantalsontwikkelingen is zo complex dat er nog geen wetenschappelijke consensus is over de oorzaken. Onderzoekers in Groot-Brittanië doen al wel voorzichtige uitspraken over mogelijke verklaringen aldaar, waar de negatieve aantalsontwikkeling wordt geweten aan een verlaagde overleving in het eerste levensjaar onafhankelijk van het broedsucces. In Scandinavië wijzen nou juist de pijlen wel naar het eerste levensstadium van de jongen, waar het broedsucces de beperkende factor lijkt te zijn. Als drijvende factor voor de verlaagde overleving in het eerste jaar en het verlaagde broedsucces wordt wel naar eenzelfde boosdoener gewezen; voedselproblemen. De omschakeling van de door spreeuwen geprefereerde natte graslanden naar bouwlanden en verdroogde graslanden, zorgt respectievelijk voor een verdwijning en een verlaging van het aanbod van in de toplaag aanwezige voedselbronnen. Dit heeft in de broedperiode vanzelfsprekend een negatief effect op de fitness van uitvliegende jongen, met een verlaagde overleving ten gevolge. Men moet er dus bewust van zijn dat het volbouwen van een graslandje of groenstrook in de stad desastreuze gevolgen kan hebben voor een lokale spreeuwenbroedpopulatie. Spreeuwen maken foerageervluchten van maximaal 1000 meter tijdens het broedseizoen. Wanneer zo’n sleutel foerageergebiedje vervalt, kan zo’n populatie verdwijnen.

Naast dat de populatie wordt beperkt door een verslechterd voedselaanbod, werkt in mijn ogen de achteruitgang in nestgelegenheidaanbod ook nog tegen. Dit effect is duidelijk te zien in de verhoogde afname in voor-oorlogse wijken en een verminderde afname of zelfs toename in de nieuwbouw wijken. Deze trend lijkt overigens sterk op die van de gierzwaluw. Met de spreeuw als holtebroeder, worden deze trends in de stad mogelijk veroorzaakt door het verlies van broedgelegenheid in de stad in de oude panden/daken, welke worden gerenoveerd zonder dat er rekening wordt gehouden met deze gevleugelde krakers. Ikzelf heb afgelopen zomer één renovatieproject gezien waarbij de ouder-spreeuwen onder de verf zaten, en de jongen probeerde te voeren tussen de steigerpalen en -doeken door. In de broedperiode geniet de spreeuw bescherming vanuit de flora- en faunawet, maar buiten het broedseizoen mogen de nesten wettelijk worden verwijderd en onbruikbaar worden gemaakt. Hier mag van mijn part verandering in komen, en lijkt me een jaarronde bescherming van de nesten op zijn plaats.

In de winter moeten de spreeuwen zichzelf beschermen van eventuele predatoren en de mens die ze verjaagd van hun slaapplekken. De verwachting is dat wanneer de temperaturen de komende weken zal dalen, de spreeuwen verder naar het Zuiden zullen trekken om daar de fotografen en amateurfilmers te gaan vermaken, en de auto’s ook daar besmeurd achterlaten met de witte uitwerpselen..

3 Comments

    • Koen

      Reply

      Dat lost natuurlijk maar een klein gedeelte op, maar is een stap. Het is niet zeker wat de impact is van het verlies van nestgelegenheid door renovaties op de broedpopulatie, want de achteruitgang vindt ook plaats in beboste gebieden waar de spreeuwen broeden in boomholtes e.d.

Leave Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *